Het Boek

Psalmen 19

1Een psalm van David voor de koordirigent.

De hemelen vertellen
over Gods grote eer
en het hemelgewelf spreekt
over zijn scheppend werk.
De ene dag vertelt het
aan de volgende dag
en de ene nacht
aan de volgende nacht.
Het is duidelijk
dat dat geen echte woorden zijn,
het is immers niet te horen.
Toch hoort men die boodschap
over de hele wereld,
overal waar mensen wonen
heeft het nieuws hen bereikt.
Het is alsof God een tent heeft gemaakt
voor de zon,
die ʼs morgens,
blij als een bruidegom,
naar buiten gaat
en zingend zijn weg betreedt
als een gevierde held.
De zon wandelt elke dag
van het ene tot het andere einde van de aarde,
alles ter wereld ervaart haar stralende gloed.
De wet van de Here
is volmaakt en goed,
zij verandert ons leven.
De woorden van de Here
zijn altijd betrouwbaar,
zij geven wijsheid aan de onwetende.
Het bevel van de Here
is een vreugde voor ons hart.
Het gebod van de Here
is zuiver en geeft ons een duidelijk inzicht.
10 Het ontzag voor de Here
is rein en blijft altijd bestaan.
De voorschriften van de Here
bevatten louter waarheid,
zij zijn altijd rechtvaardig.
11 Zij zijn veel kostbaarder dan goud
en zoeter dan de zuiverste honing,
vers uit de raat.
12 De knecht van God
neemt ze ernstig en leert ervan,
het houden ervan
levert de rijkste beloning op.
13 God, vergeef mij
ook mijn onbewuste zonden,
want wie kent al zijn fouten?
14 Ik ben uw dienaar, Here.
Bewaar mij voor overmoedigheid.
Geef dat die geen kans krijgt in mijn leven.
Dan kan ik pas echt naar uw wil leven
en zal ik niet zondigen.
15 Ik bid U, Here,
dat alles wat ik zeg met mijn mond
en denk in mijn hart,
naar uw wil mag zijn.
Here, U bent mijn rots en mijn bevrijder.

King James Version

Psalm 19

1The heavens declare the glory of God; and the firmament sheweth his handywork.

Day unto day uttereth speech, and night unto night sheweth knowledge.

There is no speech nor language, where their voice is not heard.

Their line is gone out through all the earth, and their words to the end of the world. In them hath he set a tabernacle for the sun,

Which is as a bridegroom coming out of his chamber, and rejoiceth as a strong man to run a race.

His going forth is from the end of the heaven, and his circuit unto the ends of it: and there is nothing hid from the heat thereof.

The law of the Lord is perfect, converting the soul: the testimony of the Lord is sure, making wise the simple.

The statutes of the Lord are right, rejoicing the heart: the commandment of the Lord is pure, enlightening the eyes.

The fear of the Lord is clean, enduring for ever: the judgments of the Lord are true and righteous altogether.

10 More to be desired are they than gold, yea, than much fine gold: sweeter also than honey and the honeycomb.

11 Moreover by them is thy servant warned: and in keeping of them there is great reward.

12 Who can understand his errors? cleanse thou me from secret faults.

13 Keep back thy servant also from presumptuous sins; let them not have dominion over me: then shall I be upright, and I shall be innocent from the great transgression.

14 Let the words of my mouth, and the meditation of my heart, be acceptable in thy sight, O Lord, my strength, and my redeemer.