Het Boek

Psalmen 146

1Prijs de Here!
Laat alles in mij de Here prijzen!
Ik wil de Here eren zolang ik leef.
Ik wil psalmen zingen voor mijn God,
zolang ik daarvoor de adem heb.
Stel uw vertrouwen niet op machthebbers.
Zij kunnen u niet redden.
Want als zulke mensen sterven,
blazen zij de laatste adem uit en bestaan niet meer.
Vanaf dat moment kunnen zij niets meer doen.
Gelukkig is hij
die zijn hulp ontvangt van de God van Jakob,
die alles verwacht van de Here, zijn God.
Want God heeft de hemelen en de aarde gemaakt
en de zeeën met alles wat daarin zwemt.
Hij is trouw tot over de grenzen van de dood heen.
Hij doet recht aan onderdrukte mensen
en geeft voedsel aan wie honger lijden.
De Here bevrijdt de gevangenen van hun boeien.
De Here laat blinden weer zien
en beurt mensen op die gebukt gaan onder zorgen.
Hij houdt van oprechte mensen.
De Here beschermt mensen
die in een ander land vertoeven
en Hij zorgt voor weduwen en wezen.
Ongelovigen helpt Hij echter niet.
Hun wegen maakt Hij tot dwaalwegen.
10 De Here is Koning tot in eeuwigheid.
Jeruzalem, uw God is er
voor elke nieuwe generatie.
Prijs de Here!

King James Version

Psalm 146

1Praise ye the Lord. Praise the Lord, O my soul.

While I live will I praise the Lord: I will sing praises unto my God while I have any being.

Put not your trust in princes, nor in the son of man, in whom there is no help.

His breath goeth forth, he returneth to his earth; in that very day his thoughts perish.

Happy is he that hath the God of Jacob for his help, whose hope is in the Lord his God:

Which made heaven, and earth, the sea, and all that therein is: which keepeth truth for ever:

Which executeth judgment for the oppressed: which giveth food to the hungry. The Lord looseth the prisoners:

The Lord openeth the eyes of the blind: the Lord raiseth them that are bowed down: the Lord loveth the righteous:

The Lord preserveth the strangers; he relieveth the fatherless and widow: but the way of the wicked he turneth upside down.

10 The Lord shall reign for ever, even thy God, O Zion, unto all generations. Praise ye the Lord.