Het Boek

Psalmen 120

1Een bedevaartslied.

Toen ik in nood zat,
riep ik naar de Here
en Hij gaf mij antwoord.
Here,
neem mij in bescherming tegen de leugenaars!
Leugenaars,
wat denkt u van Hem te kunnen verwachten?
Pijlen van een scherpschutter
en brandend hout van de bremstruik.
Dat doet pijn.
Ik vind het zo erg
dat ik in een onbekend land moet verblijven
en moet wonen bij een ver en vreemd volk.
Ik woon al veel te lang tussen deze mensen
die zelfs vrede haten.
Zelf ben ik altijd op vrede uit,
maar als ik daarover spreek,
worden zij opstandig en willen zij vechten.

Nkwa Asem

Nnwom 120

Mmoa mpaebɔ

1Bere a mewɔ ɔhaw mu no, mefrɛɛ Awurade, na ogyee me so.

Awurade, gye me fi atorofo ne nnaadaafo nsam. Mo atorofo, munim nea Onyankopɔn bɛyɛ mo? Munim asotwe a ɔbɛtwe mo? Ɔde asraafo agyan a ano yɛ hwirenhwiren ne gyabiriw a adɔ kɔɔ!

Mo mu tena yɛ tan sɛ Mesek ne Kedar tena. Me ne wɔn a wokyi asomdwoe atena akyɛ! Meka asomdwoe ho asɛm a, wɔpere ɔko.