Het Boek

Psalmen 12:1-9

1Een psalm van David voor de koordirigent. Te zingen op de wijs van ‘De Achtste.’

2Here, help ons!

Gelovigen

zijn er niet meer te vinden.

Het begrip trouw

zegt de mensen niets meer.

3Men is oneerlijk tegen elkaar,

spreekt met dubbele tong

en bedriegt de ander.

4Vernietig dat soort mensen maar, Here,

ieder die zo handelt,

5al die mensen die zeggen:

‘Ik praat me overal uit,

laat mij het maar zeggen—

wie doet me wat?’

6De Here zegt:

‘Ter wille van de onderdrukten

en het hulpgeroep van de armen

ga Ik nu optreden.

Ieder die naar Mij uitziet,

zal Ik in veiligheid brengen.’

7Het woord van de Here

is betrouwbaar,

zo puur als zevenmaal gezuiverd zilver.

8Ik weet, Here,

dat U uw woord altijd nakomt

en dat U ons zult beschermen

tegen deze onbetrouwbare mensen.

9De ongelovigen

schijnen de overhand te hebben

en het lijkt wel

of alle mensen God ongehoorzaam zijn.