Het Boek

Psalmen 103:1-22

1Een psalm van David.

Met hart en ziel wil ik de Here prijzen

en zijn heilige naam loven.

2Mijn ziel, prijs de Here

en vergeet vooral nooit

wat Hij allemaal voor goeds heeft gedaan.

3Hij vergeeft mij al mijn zonden

en geneest mij van elke ziekte.

4Hij geeft mij het leven terug.

Hij schenkt mij zijn goedheid,

trouw en liefdevolle medelijden.

5Hij overstelpt mij met zegeningen

en ik voel mij weer jong als vroeger.

6De Here helpt allen die verdrukt worden,

Hij laat het recht voor hen zegevieren.

7Aan Mozes vertelde Hij zijn bedoelingen

en het volk van Israël mocht zijn grote daden zien.

8De Here is vol medelijden, vergeving en genade.

Hij heeft geduld en zijn goedheid en trouw zijn overvloedig.

9Hij blijft niet altijd boos op ons,

eens komt daar een einde aan.

10Hij behandelt ons niet

naar wat wij door onze zonden verdienen.

Hij stelt het goede

tegenover onze tekortkomingen.

11Zo groot en machtig als de hemel boven de aarde verheven is,

net zo groot en machtig zijn zijn goedheid en trouw

voor wie eerbied en ontzag voor Hem hebben.

12Hij neemt onze zonden van ons af

en doet ze zo ver weg dat wij het niet kunnen peilen.

Eigenlijk net zo ver

als het oosten van het westen verwijderd is.

13Zoals een vader met liefde voor zijn kinderen zorgt,

zo zorgt de Here voor wie ontzag voor Hem hebben.

14Hij kent ons

en weet dat wij beperkt zijn.

15Het leven van de mens is maar kort,

net als een bloem bloeit hij even,

16maar als de wind erover blaast,

is er niets meer over.

17Maar de goedheid en trouw van de Here

zijn eeuwig

en gelden voor wie eerbied en ontzag voor Hem hebben.

Zijn rechtvaardigheid is voor hun nageslacht.

18Voor wie zijn wil doen

en met zorg hun levensweg met Hem gaan.

19De troon van de Here staat in de hemel,

Hij is Koning over alles.

20Laten alle engelen de Here loven en prijzen.

Zij zijn sterke helden

die zijn woord uitvoeren en luisteren naar zijn stem.

21Laten alle hemelse legers de Here prijzen.

Zij zijn de dienaren

die zijn wil uitvoeren.

22Laat alles wat de Here heeft gemaakt Hem prijzen,

overal waar Hij heerst.

Met hart en ziel wil ik de Here prijzen.

New International Version

Psalms 103:1-22

Psalm 103

Of David.

1Praise the Lord, my soul;

all my inmost being, praise his holy name.

2Praise the Lord, my soul,

and forget not all his benefits—

3who forgives all your sins

and heals all your diseases,

4who redeems your life from the pit

and crowns you with love and compassion,

5who satisfies your desires with good things

so that your youth is renewed like the eagle’s.

6The Lord works righteousness

and justice for all the oppressed.

7He made known his ways to Moses,

his deeds to the people of Israel:

8The Lord is compassionate and gracious,

slow to anger, abounding in love.

9He will not always accuse,

nor will he harbor his anger forever;

10he does not treat us as our sins deserve

or repay us according to our iniquities.

11For as high as the heavens are above the earth,

so great is his love for those who fear him;

12as far as the east is from the west,

so far has he removed our transgressions from us.

13As a father has compassion on his children,

so the Lord has compassion on those who fear him;

14for he knows how we are formed,

he remembers that we are dust.

15The life of mortals is like grass,

they flourish like a flower of the field;

16the wind blows over it and it is gone,

and its place remembers it no more.

17But from everlasting to everlasting

the Lord’s love is with those who fear him,

and his righteousness with their children’s children—

18with those who keep his covenant

and remember to obey his precepts.

19The Lord has established his throne in heaven,

and his kingdom rules over all.

20Praise the Lord, you his angels,

you mighty ones who do his bidding,

who obey his word.

21Praise the Lord, all his heavenly hosts,

you his servants who do his will.

22Praise the Lord, all his works

everywhere in his dominion.

Praise the Lord, my soul.