Spreuken 16:28-33

Een slecht mens is een constante bron van ruzie en een stiekeme roddelaar weet zelfs de beste vriendschap kapot te maken.
Een gewelddadig mens tracht ook de ander aan te steken en leidt hem zo op de verkeerde weg.
Hij sluit zijn ogen om zich beter te kunnen concentreren op zijn slechte plannen en voert ze ook uit, met samengeknepen lippen.
Grijze haren zijn het sieraad van hen die de goede weg bewandelen.
Een geduldig mens is beter dan een sterk mens, en wie zichzelf goed in bedwang heeft, is sterker dan de man die steden inneemt.
Het lot wordt weliswaar ongezien geworpen, maar de Here bepaalt hoe het valt.

Read More of Spreuken 16

Spreuken 17:1-4

Een stuk droog brood, in alle rust gegeten, is beter dan een overvloedige maaltijd waar ruzie heerst.
Een verstandige knecht heeft zeggenschap over een onverstandige zoon en wordt beloond met een deel van de erfenis.
Zilver wordt gezuiverd in een smeltkroes, goud in een smeltoven, maar alleen de Here weet wat in een mensenhart leeft.
Een boosdoener luistert naar kwade plannen en een leugenaar naar leugens.

Read More of Spreuken 17