Het Boek

Psalmen 28

1Door David.

Ik roep naar U, Here, mijn rots.
Keer U niet zonder te spreken van mij af.
Want als U tegen mij blijft zwijgen,
zal ik sterven.
Luister toch naar mijn luide smeekbeden.
Ik hef mijn handen naar U omhoog in uw heiligdom.
Vernietig mij niet samen met de goddelozen
of met andere misdadigers.
Die spreken wel vriendelijk met anderen,
maar in hun hart haten zij hen.
Geef hun wat zij verdienen, loon naar werken.
Vergeld hun naar hun handelwijze.
De Here zal hen vernietigen
en niet meer herstellen,
omdat zij geen oog hebben voor wat Hij doet
en niets begrijpen van zijn werken.
Ik loof de Here,
want Hij heeft mijn luide smeekbeden gehoord.
De Here geeft mij zijn kracht,
Hij is het schild waarachter ik schuil.
Mijn hart heeft op Hem vertrouwd
en Hij heeft mij geholpen.
Mijn hart juicht en ik prijs Hem met mijn lied.
De Here geeft zijn volk kracht.
Hij is een beschermende vesting
voor hem die Hij heeft gezalfd.
Maak uw volk vrij en zegen wie van U zijn.
Zorg voor hen als een herder voor zijn schapen
en bescherm hen tot in eeuwigheid.

King James Version

Psalm 28

1Unto thee will I cry, O Lord my rock; be not silent to me: lest, if thou be silent to me, I become like them that go down into the pit.

Hear the voice of my supplications, when I cry unto thee, when I lift up my hands toward thy holy oracle.

Draw me not away with the wicked, and with the workers of iniquity, which speak peace to their neighbours, but mischief is in their hearts.

Give them according to their deeds, and according to the wickedness of their endeavours: give them after the work of their hands; render to them their desert.

Because they regard not the works of the Lord, nor the operation of his hands, he shall destroy them, and not build them up.

Blessed be the Lord, because he hath heard the voice of my supplications.

The Lord is my strength and my shield; my heart trusted in him, and I am helped: therefore my heart greatly rejoiceth; and with my song will I praise him.

The Lord is their strength, and he is the saving strength of his anointed.

Save thy people, and bless thine inheritance: feed them also, and lift them up for ever.