Het Boek

Psalmen 131

1Een bedevaartslied van David.

Here, ik stel mijzelf niet boven anderen
en kijk niet trots om mij heen.
Ik bemoei mij niet met zaken die te hoog gegrepen zijn
of die ik niet kan begrijpen.
Innerlijk ben ik tot rust gekomen
en ik houd van de stilte.
Zo rustig als een kind zit op zijn moeders schoot,
zo rustig voel ik mij van binnen.
Laat het volk Israël al zijn vertrouwen op de Here stellen,
nu en voor altijd.

Nkwa Asem

Nnwom 131

Ahotoso mu mpaebɔ

1Awurade, magyae m’ahantan ne m’ahomaso no. Memma nsɛm akɛse, anaa nea ɛyɛ den ma me, nyɛ m’asɛm. Na mmom m’ani sɔ, na mewɔ asomdwoe. Sɛnea akokoaa da ne na basa so dinn no, saa ara na me koma da dinn wɔ me mu.

Israel, fa wo ho to Awurade so, ɛnnɛ ne daa nyinaa.