Het Boek

Psalmen 121:1-8

1Een bedevaartslied.

Ik kijk omhoog naar de bergen.

Waarvandaan kan ik hulp verwachten?

2De Here helpt mij.

Hij heeft immers de hemel en de aarde gemaakt?

3Hij zal voorkomen dat u valt,

want Hij is uw beschermer en slaapt nooit.

4Werkelijk, de beschermer van het volk Israël

slaapt nooit!

5De Here is uw beschermer.

Zoals uw schaduw u nooit verlaat,

blijft ook Hij altijd bij u.

6Overdag zal de zon u geen kwaad doen,

ʼs nachts de maan niet.

Altijd is Hij bij u.

7De Here beschermt u tegen elk kwaad,

Hij beschermt uw leven.

8De Here beschermt u, waar u ook gaat.

Niet alleen vandaag, maar altijd,

tot in eeuwigheid.

King James Version

Psalms 121:1-8

A Song of degrees.

1I will lift up mine eyes unto the hills, from whence cometh my help.121.1 I will…: or, Shall I lift up mine eyes to the hills? whence should my help come?

2My help cometh from the LORD, which made heaven and earth.

3He will not suffer thy foot to be moved: he that keepeth thee will not slumber.

4Behold, he that keepeth Israel shall neither slumber nor sleep.

5The LORD is thy keeper: the LORD is thy shade upon thy right hand.

6The sun shall not smite thee by day, nor the moon by night.

7The LORD shall preserve thee from all evil: he shall preserve thy soul.

8The LORD shall preserve thy going out and thy coming in from this time forth, and even for evermore.