Священное Писание (Восточный перевод), версия для Таджикистана

Заб 136

Песнь 136

У рек Вавилона мы сидели и плакали,
    когда вспоминали Сион.
Там на вербах
    мы повесили наши арфы.
Там пленившие нас требовали от нас песен,
    притеснители наши требовали от нас веселья,
    говоря: «Спойте нам одну из песен Сиона».

Как нам петь песнь Вечного
    в чужой земле?
Если я забуду тебя, Иерусалим,
    то пусть отнимется моя правая рука.
Пусть прилипнет язык мой к нёбу,
    если не буду помнить тебя,
если не будет Иерусалим
    моей самой большой радостью.

Не забывай, Вечный, что делали эдомитяне
    в день захвата вавилонянами Иерусалима,
как они говорили: «Разрушайте,
    разрушайте его до основания!»

Дочь Вавилона[a], обречённая на разорение!
    Благословен тот, кто воздаст тебе
    за то, что ты сделала с нами.
Благословен тот, кто возьмёт и разобьёт
    твоих младенцев о камень.

Песнь 137

Песнь Довуда.

Notas al pie

  1. Заб 136:8 Дочь Вавилона – олицетворение Вавилона.

Het Boek

Psalmen 136

1Prijs de Here! Hij is een goede God.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
Prijs God, Hij staat boven alle goden.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
Prijs de Here, die boven allen staat.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
Hij doet grote wonderen, niemand kan wat Hij kan doen.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
Hij maakte met kennis en inzicht de hemelen.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
Hij maakte de zeeën op aarde.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
Ook het licht maakte Hij.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
De zon als machthebber over de dag.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
En maan en sterren als heersers in de nacht.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
10 Hij doodde elke eerstgeborene in Egypte.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
11 Hij leidde het volk Israël het land Egypte uit.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
12 Dat gebeurde door zijn kracht en onder zijn leiding.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
13 Hij maakte een droog pad dwars door de Rietzee.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
14 Zo liet Hij het volk Israël oversteken.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
15 Maar de farao en zijn leger verdronk Hij in de Rietzee.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
16 Hij leidde zijn volk door de woestijn.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
17 Hij versloeg koningen en grote volken.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
18 Machtige koningen doodde Hij.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
19 Koning Sichon bijvoorbeeld van de Amorieten.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
20 En koning Og van Basan.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
21 Hun land schonk Hij aan zijn volk.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
22 Het werd het eigendom van zijn dienaar Israël.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
23 Toen wij werden vernederd, heeft Hij ons geholpen.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
24 Hij heeft ons bevrijd van onze vijanden.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
25 Alles wat leeft, wordt door Hem gevoed.
Want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.
26 Prijs God, de Allerhoogste,
want zijn goedheid en liefde zijn eeuwig.